• Perrons en sporen op Schiphol moeten de komende jaren beter benut gaan worden.

    René de Leeuw
  • Impressie van het toekomstige busstation in eilandvorm.

    Schiphol Group

Rol van trein steeds belangrijker op Schiphol

HOOFDDORP Op Schiphol groeit niet alleen de luchtvaart, maar ook het treinverkeer. Het NS-station onder Schiphol Plaza barst uit z'n voegen. De trein wordt steeds belangrijker, zeker als werk gemaakt wordt van de internationale trein. Maar sporen erbij, dat gaat zomaar niet.

De Schiphollijn heeft een lange geschiedenis. Al in 1943 begonnen studies voor een rechtstreekse spoorlijn Amsterdam-Den Haag om de omweg via Haarlem af te snijden. Daarbij kwam al snel ook Schiphol in beeld. De luchthaven had tot 1940 een beperkte omvang, maar zou na de oorlog ongetwijfeld flink gaan groeien. Amsterdam werkte daarom in de oorlog al aan plannen voor een nieuw Schiphol. De spoorlijn kreeg al snel de naam 'Schiphollijn'. Er werd in de jaren vijftig en zestig verder op gestudeerd en bij de aanleg van het nieuwe Schiphol kwam onder de Buitenveldertbaan alvast een stukje tunnel, zodat de baan later voor de aanleg van de complete spoortunnel niet overhoop gehaald hoefde te worden. In 1973 keurde de regering de spoorlijn goed.

DISCUSSIE Er woedde vervolgens discussie over de vraag of er stations moesten komen bij Hoofddorp en Nieuw-Vennep. NS had daar weinig trek in, omdat het uit deze plaatsen weinig reizigers verwachtte. Haarlemmermeer dacht er anders over en de gemeenteraad eiste in maart 1977 van de minister de aanleg van stations. Anders werkte de gemeente niet meer mee aan de spoorlijn. De minister ging overstag. De eerste treinen reden op 21 december 1978 over de eerste 10 kilometer spoor van Amsterdam-Zuid naar de luchthaven, waarbij de rails vanaf het knooppunt Badhoevedorp in een tunnel lagen. Station Schiphol telde aanvankelijk drie sporen. Het lijntje lag geïsoleerd ten opzichte van de rest van het spoornet. Een diesellocomotief trok de benodigde treinstellen via een omslachtige route vanaf de lijn Amsterdam-Utrecht bij Nieuwersluis over in onbruik geraakt spoor via Mijdrecht, Uithoorn en Amstelveen naar Amsterdam en rangeerde ze nabij de VU de Schiphollijn op.

DOORTREKKING In 1981 volgde doortrekking naar Leiden en Amsterdam-RAI en in 1983 naar Amsterdam-Centraal over de westelijke ringdijk van de hoofdstad. In 1993 kwamen sporen in gebruik richting Duivendrecht en in 2007 richting Utrecht. Bij grootschalige uitbreidingen op Schiphol in de jaren negentig werd het treinstation op de luchthaven vergroot van drie naar zes sporen. Ook kwam er in 2000 en tweede spoortunnel met twee sporen bij.

Het luchtverkeer groeide intussen onverstoorbaar door en daarmee het aantal treinreizigers. Met dagelijks 109.000 reizigers behoort nu Schiphol tot de vijf drukste stations in Nederland. Er passeren ook nog eens 140 lijnbussen per uur. Schiphol lijkt een mini-versie van Utrecht Centraal met rechtstreekse verbindingen naar alle uithoeken van het land. Het verschil is dat er in Utrecht meer sporen liggen. Uitbreiding van de huidige zes perronsporen is echter ondoenlijk dan wel zeer kostbaar, want de grond zit vol palen, buizen, leidingen, kabels en met de kelders van het bagagesysteem.

237 MILJOEN Recent is voor 237 miljoen euro aan plannen gepresenteerd die tot 2025 voorzien in een beter trein- en busstation. Het busstation krijgt de vorm van een eiland, net als op Knooppunt Schiphol-Noord. Vanaf dat eiland komt er directe toegang tot de perrons, zodat overstappers niet meer hoeven om te lopen via Plaza. Betere benutting van sporen en perrons moet verder bereikt worden door spitsmijden, het actief bijsturen van de mensenstromen tijdens piekdrukte en een slimmere dienstregeling. In 2023 zet NS een 'Airport Sprinter' in naar Amsterdam Centraal, acht keer per uur vanaf een vast perron. Zo moet er in 2025 ruimte zijn voor dagelijks 120.000 reizigers.

VERDERE GROEI Maar als Schiphol blijft groeien, al is het maar langzaam, dan groeit ook het aantal treinreizigers. Na 2025 moet er meer gebeuren, zeker als vliegreizigers verleid worden in internationale treinen te stappen. Die passen niet meer in het huidige station. Daarvoor zijn grote ingrepen nodig. Als een volgende stap komt nu het doortrekken van de Noord/Zuid metrolijn naar Schiphol en Hoofddorp in beeld. Toeristen kunnen daarmee tal van bestemmingen in Amsterdam rechtstreeks bereiken. Er zijn dan minder Sprinters nodig en de vrijkomende ruimte kan worden benut voor internationale treinen. Minister Cora van Nieuwenhuizen voelt er wel voor. Afhankelijk van verdere studie wil zij er eind 2020 een besluit over nemen. Voor uitbreiding van NS-sporen lopen studies, die komend voorjaar resultaten moeten opleveren.

IN ZEE Intussen kun je je afvragen wat een luchthaven in zee zou betekenen voor het treinverkeer. Wanneer de vliegtuigen naar zee verhuizen en de afhandeling van passagiers op Schiphol blijft, dan blijven er meer sporen en perrons nodig. Daarmee komt een oude droom van de milieubeweging in beeld. In de tijd van de discussie over de aanleg van de Polderbaan kwamen milieuorganisaties met het visioen van een enorm veelsporig station onder de luchthaven. Af en aan rijdende snelle internationale treinen zouden Europese vluchten grotendeels overbodig maken. Dat plan was toen niet realistisch, maar wordt na een verhuizing van de luchthaven naar zee juist wel heel goed mogelijk. Zo'n station kan er zelfs gemakkelijk en veel goedkoper bovengronds komen, want platforms, pieren, taxibanen en start- en landingsbanen zijn niet meer nodig en kunnen worden gesloopt. Oftewel: er ontstaat dan ruimte genoeg voor zo'n groot station.

René de Leeuw