• Maarten Treep was schakel tussen gemeente en burgerij.

    Frans Tol
  • Frans Tol

Gebiedsmanager Nieuw-Vennep Maarten Treep neemt donderdag 19 december afscheid

Frans Tol

Gebiedsmanager Maarten Treep neemt donderdagavond 19 december afscheid in zalencentrum Het Trefpunt aan de Hoofdweg in Nieuw-Vennep: "Na 13 jaar met veel plezier werkzaam te zijn geweest bij de gemeente, waarvan de laatste 3 jaar als gebiedsmanager in Nieuw-Vennep, is het tijd voor een nieuwe stap."

"Begin volgend jaar start ik als bestuursadviseur van één van de wethouders van de gemeente Utrecht.” Paul Heuberger zal dan Maarten Treep gaan opvolgen als gebiedsmanager. Heuberger is als gemeentelijk projectmanager betrokken geweest bij diverse projecten in Nieuw-Vennep: “Nieuw-Vennep is voor hem dus geen onbekend terrein.”

GEBIEDSMANAGER “Een gebiedsmanager is de verbindende schakel tussen gemeente en burgerij. Deze functie gaat op steeds meer gebieden een grotere rol spelen vanwege het feit dat er met een groeiend aantal partijen overlegd moet worden. De gebiedsmanager is dus eigenlijk een soort smeeroliemannetje. Ik moest in dit geval voor Nieuw-Vennep bij de gemeente de dingen zo op tafel leggen dat men in Hoofddorp begrijpt wat in Nieuw-Vennep belangrijk gevonden wordt. Ik moest dus de informatie verzamelen voor de ambtenaren en het gemeente bestuur. Als relatiebeheerder gewoon zorgen voor een goede relatie met alle partijen.”

Daarin betreurt Maarten Treep dat de wijkraad van Linquenda zich opgeheven heeft en die van Getsewoud zich aan het bezinnen is: “Zij waren de spreekbuizen voor groepen bewoners van Nieuw-Vennep. Nu die vanuit de burgerij weggevallen zijn, komt de communicatie over alles teveel neer op de dorpsraad die zich gelukkig verjongt en overigens uitstekend functioneert. Maar eigenlijk is het voor de dorpsraad een te omvangrijke taak. Kan deze dorpsraad daardoor nog wel de spreekbuis van alle bewoners zijn? In ieder geval heb ik de samenwerking met de dorpsraad als heel positief ervaren. We hebben veel gesproken over hun zorgen over het centrum en Park 21.”

Treep vertelt dat hij bij zijn start in oktober 2016 allereerst veel geïnvesteerd heeft in het leren kennen van de mensen hier: “Ik heb toch om het dorp (of eigenlijk de stad Nieuw-Vennep, want met meer dan 30.000 inwoners ben je wel een stad) beter te leren ook veel op de fiets gedaan.” Treep woont met zijn gezin in Den Haag en komt met de trein: “Dat blijf ik richting Utrecht ook doen. Dat zal daardoor in reistijd niet veel schelen.”

BEDRIJVEN “Ik heb ook veel geleerd van de bedrijfsbezoeken. Het heeft mij daarbij wel verbaasd dat Nieuw-Vennep zoveel bijzondere en innovatieve bedrijven heeft. Alle signalen vanuit de bevolking waren voor mij superbelangrijk. En ik moet zeggen dat wij als gemeente de laatste jaren vooruitgang geboekt hebben in het vooruitdenken. Er is beter zicht gekomen op wat er speelt en ik heb nu niet het gevoel dat wij ons nog kunnen laten verrassen.”

Een belangrijk aspect daarbij was zijn ontdekking dat groen en bomen een grote emotionele waarde hebben. Hij wil daarbij vooral Helma Geheniau bedanken. Zij zat voorheen in de groengroep van de dorpraad maar geeft nog steeds haar mening over de invulling van groen. Dat groen speelde voor hem ook een belangrijke rol tijdens de renovatie van het Dr. Van Haeringenplantsoen. Door zijn succesvolle rol daarin als bemiddelaar denkt hij daar met genoegen aan terug: ‘We hebben toen wel moeten schakelen en diverse werkzaamheden in uitvoering en tempo moeten aanpassen.” Nadrukkelijk meldt hij dat het voor de gemeente moeilijk is om een goede balans te vinden in het algemeen beleid: ”Vastgestelde richtlijnen moeten eigenlijk per dorp bekeken worden, want soms is het maatwerk heel anders. Daarin moet het lokale karakter behouden blijven. Ik weet dat de gemeente meer aan groen gaat doen bij de sportvelden aan de Noordrand.”

CENTRUM Maarten Treep is natuurlijk van dichtbij betrokken geweest bij de plannen voor de ontwikkeling van het centrum: “Dat is gewoon een zeer complexe zaak gebleken. Vooral ook doordat eerst de oude plannen van tafel moesten, er gemeentelijke kaders voor grondprijzen zijn en dat daar meerdere eigenaren bij betrokken zijn. Er liggen concrete plannen maar daar moeten dan nog wel handtekeningen onder gezet worden. Plannen die met minder commerciële meters ingevuld worden.”

Natuurlijk zouden projectontwikkelaars zo’n klus graag klaren maar het gaat erom of dat rendabel kan gebeuren. Geld speelt daarom ook een rol bij de ontwikkeling van Getsewoud-West richting Hillegom. Die wijk zou heel aardig de naam kunnen krijgen van de lokale boerderij Klein Amerika: “In Getsewoud-West is de grond in het bezit van twee ontwikkelaars. Begin 2020 moeten daar besluiten over vallen. We weten ook dat daar kwellen zitten, maar ontwikkelaars moeten nu met plannen komen hoe zij die wijk denken te kunnen realiseren.”

COMMERCIE En geld speelt een rol bij de ontwikkeling van het Bolsterrein en de Pionier: “Voor het initiatief daar voor het Transport Museum heb ik grote bewondering. Ik hoop dat het hun gaat lukken zich in de toekomst op een mooie plek in de polder te vestigen. In het Bolsgebouw zelf is ook een stuk cultureel bezit van belang. Dat moet behouden blijven.” Ook roemt hij het initiatief van de dorpsraad voor het onderhoud van kinderboerderij Dierenvreugd. En dan het groen dat een rol speelt op het terrein naast Sylvia’s Leeuwtje (waar beter een hofje zou moeten komen dan een flat maar ook weer van 2 eigenaren is), en het voormalige terrein van tennisclub de Kikkers: “Daar komt een loods en het gebied zal groen omheind worden.” De rol van Maarten Treep als gebiedsmanager was belangrijk bij de herinrichting van speelplaatsen in Getsewoud en bijvoorbeeld ook bij de hondenuitlaatplaats aan de Bosstraat: “De besluiten daarover moet je kunnen uitleggen.”

Hij wil daarbij Bosstraatbewoner Frans van der Maden bedanken voor diens bemiddelende rol. Ook wil hij nog kwijt dat er in Haarlemmermeer geen bomen gekapt worden ten behoeve van biomassa centrales: “Voorheen was Haarlemmermeer erg gericht op groei en ontwikkeling. Dat accent komt steeds meer te liggen op leefbaarheid en bereikbaarheid van nieuwbouwwijken maar ook van de oudere wijken. Met meer aandacht ook voor leegstand. Mooi is dat er nu in de raad een motie is aangenomen betreffende de ontwikkeling van de Nieuwe Kom. Het is mij wel opgevallen dat de inwoners van Nieuw-Vennep vinden er heel prettig en graag te wonen.’’