• Olga Kat op de Puch die ze samen met sleutelmaatje Kees in elkaar heeft gezet.

    Geertje Bos
  • Wand in Olga's werkkamer, met foto dochter Inja en schoonzoon Siebe en verzameling miniatuur brommers.

    Geertje Bos

Olga Kat actief voor Puch Museum

ABBENES Olga Kat is 17 als ze haar eerste Puch koopt. Daarbij wordt ze voor haar leven geïnfecteerd door het brommervirus. Ze bezit 9 exemplaren, de oudste met haar eigen bouwjaar, 1955. Een Puch Museum staat op haar verlanglijst. Olga uit Abbenes gaat er helemaal voor.

Geboren in Ouderkerk aan de Amstel, opgegroeid in Amsterdam, is Olga Kat inmiddels te vinden in Abbenes. Die situatie heeft overigens de langste tijd gehad, want het huis moet worden gerenoveerd en het betekent na ruim 30 jaar een andere woonplek. Als het aan Olga ligt, verhuist ze naar Nieuw-Vennep, in de buurt van het Nederlands Transport Museum, waar men zich hard maakt voor het bewaren en opknappen van 'mobiel erfgoed'. Niet alleen omdat een Puch van haar in het voormalige Bolsgebouw te vinden is. Olga werkt er als vrijwilliger, verricht hand- en spandiensten op allerlei gebied. Op het ene moment functioneert ze als gastvrouw, even later loopt ze te sjouwen met een kruiwagen vol materiaal. Je kunt haar ook aan tafel bezig zien met figuurzagen, bijvoorbeeld om puzzeltjes voor kinderen te maken en verder draagt ze op technisch gebied haar steentje bij.

We ontmoeten elkaar voor het eerst in het museum. Spreken meteen af voor een nadere kennismaking, want willen gewoon 'alles' weten over deze enthousiaste 'motormuis', tenger, klein van stuk maar met een gedrevenheid en kennis van zaken waarmee ze zich prima staande houdt in het voornamelijk door mannen bevolkte wereldje van stoere sleutelaars.

ARBEIDSVERLEDEN Olga, getrouwd geweest, moeder van dochter Inja (1987) en zoon Elmar (1989), heeft een arbeidsverleden in de techniek. "Ik heb jaren gewerkt in dienst van de NV Luchthaven Schiphol, als een van de weinige vrouwen in de infrastructuur. De laatste periode bij de afdeling Parkeerbeheer, voor technische ondersteuning en administratie. Toen parkeren werd uitbesteed, was het voor mij afgelopen, stond ik met ingang van 2010 op straat." Ze ondervindt in deze periode veel steun van haar Puchvrienden, die ze kent via de Puch en Tomos Club Nederland, kortweg PTCN.

De club herdenkt dit jaar het 30-jarig bestaan. Al zo'n 20 jaar is Olga betrokken bij de vereniging, ze verzorgt het secretariaat, onderhoudt het archief en zit in de redactie van het clubblad, dat per kwartaal op de mat valt bij ruim 350 leden, in het hele land. Elke vrijdag komt er toch zeker zo'n man of 20 bij elkaar om nieuwtjes uit te wisselen, te sleutelen en zomaar voor de gezelligheid, genieten van jarenzestigmuziek, volop rock 'nd roll. Plaats van samenkomst is een oude boerderij in Bleiswijk, met verschillende woongelegenheden en een Puchkroeg in het voormalige truckerscafé.

SCHOENMAKER In de boerderij hebben Olga's dochter Inja en schoonzoon Siebe een eigen onderkomen, haar Haagse Puchmaatje Kees van der Sluijs woont in een ander deel. Van der Sluis, brommersleutelaar pur sang, even maf als Olga van Puchs, is van huis uit ambachtelijk schoenmaker (tussen haakjes met de grootste verzameling veters in Nederland), koestert in zijn Haagse werkplaats tevens een groot aantal Puchs. Hij verkast een paar jaar geleden het complete spul naar Bleiswijk waar hij sindsdien nog wel zijn vak uitoefent, maar zich toch vooral wijdt aan zijn grote liefhebberij en zijn technische kennis graag deelt met zielsverwanten. Op het terrein rond de hoeve bevinden zich diverse loodsen. In één daarvan moet het brommermuseum komen. In ons land wordt in 1954 de eerste Puch geproduceerd, de laatste komt in 1984 van de band. In het museum willen de liefhebbers deze 'oldtimers' in goede conditie bewaren voor het nageslacht.

PRONKSTUK Zoals verwacht zijn er in Abbenes diverse brommers te vinden. Pronkstuk is het voertuig in de woonkamer, een Puch uit 1960, afkomstig uit Oostenrijk, door Olga en Kees samen in elkaar gezet. "Cadeau voor m'n vijftigste verjaardag. Ik wist in het begin niet waar het allemaal op sloeg. Steeds kreeg ik van een Puchvriend een oud brommeronderdeel, op het laatst lag er een complete stapel. Het muntje viel pas toen mijn dochter en schoonzoon met het frame aankwamen."

Wat kunnen we nog meer over Olga vertellen? Dat er in de huiskamer twee parkieten rondvliegen, ze doen geen vlieg kwaad, nestelen in een oude schemerlamp. Verder in haar woning zien we mooie oude meubels, een naaimachine-op-leeftijd, grote planten, de piano van opa, kasten vol boeken, een oude typemachine, maar ook een computer. Op de vliering nog meer muziekinstrumenten en dozen vol zelfgemaakte poppenhuismeubeltjes. En dan is zij ook nog zó betrokken bij activiteiten in haar woonplaats, dat ze bij de Halloween speurtocht een oud gordijn omtovert in een superlange jurk en als 'boze mevrouw op zolder' via een lange ladder de kinderen de stuipen op het lijf probeert te jagen. "Ik verveel me dus nooit", constateert zij met een gulle lach, die overigens geregeld opklatert tussen de verhalen door. "Schrijf maar op. Bij Olga Kat gebeurt altijd wel wat."

Geertje Bos